Gst. 2009/88
88. ABRvS 8-7-09. Afwijzing handhavingsaanvraag tegen ‘burgergebruik’ agrarische bedrijfswoning en verlening persoonsgebonden gedoogbeschikking. Redelijke uitleg Wet geurhinder en veehouderij: vaststelling mate van bescherming tegen geurhinder, juridisch-planologische status van — van veehouderij afgesplitste — woning. (Nederweert) m.nt. J.M.H.F. Teunissen
RvS 08-07-2009, ECLI:NL:RVS:2009:BJ1911, m.nt. J.M.H.F. Teunissen
- Instantie
Raad van State
- Datum
8 juli 2009
- Magistraten
Polak, Wortmann en Hent
- Zaaknummer
200806627/1/H1
- Noot
J.M.H.F. Teunissen
- LJN
BJ1911
- JCDI
JCDI:ADS70207:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2009:BJ1911, Uitspraak, Raad van State, 08‑07‑2009
- Wetingang
Gemw art. 125; WGHVH art. 1
Essentie
Afwijzing handhavingsaanvraag tegen ‘burgergebruik’ agrarische bedrijfswoning en verlening persoonsgebonden gedoogbeschikking. Redelijke uitleg Wet geurhinder en veehouderij: bij vaststelling van mate van bescherming tegen geurhinder uitgaan van juridisch-planologische status van een — van veehouderij afgesplitste — woning. (Nederweert)
Samenvatting
Het gebruik van de agrarische bedrijfswoning als burgerwoning is in strijd met het bestemmingsplan. Bij haar oordeel dat de aanvraag om handhavend optreden tegen het burgergebruik van de agrarische bedrijfswoning ten onrechte is afgewezen, heeft de rechtbank ten onrechte aangenomen dat die woning een geurgevoelig object is als bedoeld in art. 1 Wet geurhinder en veehouderij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.