AB 1988, 256
CBb, 22-12-1987, nr. 86/0871/60/99
CBb 22-12-1987, ECLI:NL:CBB:1987:AM9871, m.nt. J.H. van Kreveld
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
22 december 1987
- Magistraten
Van Wagtendonk, Kiewiet, Winter
- Zaaknummer
86/0871/60/99
- Noot
J.H. van Kreveld
- LJN
AM9871
- JCDI
JCDI:ADS868602:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Bestuursprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:1987:AM9871, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22‑12‑1987
- Wetingang
ARBart. 46; BS art. 6
Essentie
Toelaatbaarheid van bewijsmiddelen; betekenis van getuigenbewijs; begrip investeringsverplichting; obligatoire overeenkomst.
Samenvatting
1. Pp. dienen, indien zij daarom verzoeken, in beginsel in de gelegenheid te worden gesteld, relevante feiten en omstandigheden te bewijzen, eventueel door middel van getuigen. Deze hoofdregel lijdt uitzondering, indien het voor het College aanstonds duidelijk is dat hetgeen de betreffende partij zich voorstelt met bewijsmiddelen aan te tonen, geen invloed kan hebben op de door het College in het geding te nemen beslissing(en). Hiervan is in het onderhavige geval echter geen sprake.
2. De aard van de in art. 11 Beschikking superheffing neergelegde materie brengt ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.