AB 2003, 54
Weigering registratie diergeneesmiddel; overgangsrecht; na CBB 16 juli 1996 nieuw besluit op bezwaar; bekendmaking; overschrijding beroepstermijn; redelijkerwijs niet in verzuim; horen (in bezwaar) opvolgend houder voorlopige registratie (belanghebbende); uitverkoop- en opgebruiktermijn?
CBb 10-09-2002, ECLI:NL:CBB:2002:AE8319, m.nt. J.H. van der Veen
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
10 september 2002
- Magistraten
Cusell, Hagen, Fierstra
- Zaaknummer
AWB02/332
- Noot
J.H. van der Veen
- LJN
AE8319
- JCDI
JCDI:ADS868818:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen (V)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2002:AE8319, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 10‑09‑2002
- Wetingang
Essentie
Weigering registratie diergeneesmiddel; overgangsrecht; na CBB 16 juli 1996 nieuw besluit op bezwaar; bekendmaking; overschrijding beroepstermijn; redelijkerwijs niet in verzuim; horen (in bezwaar) opvolgend houder voorlopige registratie (belanghebbende); uitverkoop- en opgebruiktermijn?
Samenvatting
1
Het bestreden besluit (van 17 maart 1998) is op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt. Het is aan Fort Dodge, rechtsopvolger van bezwaarmaker TVP, toegezonden. Het enkele feit dat AST Farma BV (rechtsvoorgangster van appellante) toen de uit de voorlopige registratie voortvloeiende rechten had overgenomen, brengt niet mee dat zij daarmee tevens automatisch de positie van bezwaarde in de registratieprocedure had overgenomen.
Appellante heeft voldoende aannemelijk ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.