AB 2006, 82
Levensmiddelenbestuursrecht; bestuurlijke boete; evenredigheidsbeginsel; toetsing hoogte bestuurlijke boete; matiging.
CBb 05-04-2005, ECLI:NL:CBB:2005:AT5952, m.nt. O.J.D.M.L. Jansen
- Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Datum
5 april 2005
- Magistraten
Mrs. Verwayen, Cusell, Van Kreveld
- Zaaknummer
AWB03/739
- Noot
O.J.D.M.L. Jansen
- LJN
AT5952
- JCDI
JCDI:ADS868934:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:CBB:2005:AT5952, Uitspraak, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 05‑04‑2005
- Wetingang
Essentie
Levensmiddelenbestuursrecht; bestuurlijke boete; evenredigheidsbeginsel; toetsing hoogte bestuurlijke boete; matiging.
Samenvatting
De rechtbank heeft ten onrechte met toepassing van art. 6:19 lid 1 Awb het beroep geacht mede gericht te zijn tegen het besluit en dat besluit vernietigd. Het college volgt de rechtbank in haar oordeel dat de minister in het voorliggende geval in redelijkheid heeft kunnen besluiten gebruik te maken van de hem gegeven bevoegdheid.
Art. 6 EVRM brengt mee, dat de rechter dient te toetsen of de hoogte van de opgelegde boete in redelijke verhouding staat tot de ernst en de verwijtbaarheid van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.