Prg. 2008, 206
Verhuurder vordert ontbinding omdat huurder niet zijn hoofdverblijf heeft in huurwoning. Afgewezen, omdat daaromtrent geen contractuele verplichting bestaat en verhuurder geen feiten heeft gesteld waaruit blijkt dat huurder geen of onvoldoende verantwoordelijkheid voor het gehuurde draagt dan wel dat de waarde van huurwoning wordt aangetast.
Ktr. Haarlem 03-09-2008, ECLI:NL:RBHAA:2008:BF0403
- Instantie
Kantonrechter Haarlem
- Datum
3 september 2008
- Magistraten
Mr. C.J. Harts
- Zaaknummer
374587/CVEXPL08-2290
- LJN
BF0403
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Huurrecht / Verplichtingen huurder en verhuurder
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBHAA:2008:BF0403, Uitspraak, Rechtbank Haarlem, 03‑09‑2008
- Wetingang
BW art. 7:213
Essentie
Huurrecht. Dient huurwoning de huurder tot hoofdverblijf te strekken?
Bij het ontbreken van een contractuele verplichting daaromtrent niet, tenzij huurder niet in staat is zijn verantwoordelijkheid voor het gehuurde te dragen of de waarde van gehuurde wordt aangetast.
Samenvatting
Verhuurder Ymere vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde omdat huurder (gedaagde) de huurwoning niet als zijn hoofdverblijf gebruikt. Gedaagde verblijft slechts enkele weken per jaar in het gehuurde. Gedaagde, die internationaal vertegenwoordiger van beroep is, stelt dat hij nog steeds zijn hoofdverblijf in de woning heeft en dat hij de woning niet heeft onderverhuurd en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.