NJ 1934, p. 661
Weigering van een arbeider in het bloembollenbedrijf om overwerk te verrichten. Dringende reden? Verandering van het onderwerp van eisch?
HR 08-12-1933, ECLI:NL:HR:1933:139, m.nt. Prof. E. M. Meijers
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 december 1933
- Magistraten
Mrs. Visser, Van den Dries, Van Gelein Vitringa, Polak, Servatius
- Zaaknummer
[081933/NJ_1934,_p._661]
- Conclusie
Tak
- Noot
Prof. E. M. Meijers
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS129322:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1933:139, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑12‑1933
- Wetingang
(BW art. 1639, 1639p; Rv art. 134.)
Essentie
Weigering van een arbeider in het bloembollenbedrijf om overwerk te verrichten. Dringende reden? Verandering van het onderwerp van eisch?
Samenvatting
Nu het, ter beoordeeling van de gegrondheid der ingestelde vordering, aankomt op den tijd gedurende welken de dienstbetrekking nog had behooren voort te duren, maakt het geen verschil, of, zooals verweerder bij inl. verzoekschrift stelde, hij bij eischeres van 1 Maart 1930 tot 1 Maart 1931 in dienst is getreden, dan wel, zooals bij repliek werd gesteld, dat de indiensttreding aanving op 1 Maart 1929, waarna het dienstverband stilzwijgend voor een jaar is verlengd en derhalve liep tot ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.