Executele
Einde inhoudsopgave
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/II.C.1:II.C.1. De 'vierde' partij
Executele (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel recht) 2007/II.C.1
II.C.1. De 'vierde' partij
Documentgegevens:
Prof.mr. B.M.E.M. Schols, datum 07-12-2007
- Datum
07-12-2007
- Auteur
Prof.mr. B.M.E.M. Schols
- JCDI
JCDI:ADS406036:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het is goedom voor ogen te blijven houden dat er bij de driepartijenverhou-ding executele in feite vier 'partijen' betrokken zijn, hoe voor de hand dit wellicht ook lijkt te liggen. Dit is overigens, naast 'het verbandop de goederen', de reden dat bij deze rechtsfiguur gesproken kan worden van een erfrechtelijke verbintenis in gecompliceerde zin, zulks ter afbakening van de erfrechtelijke verbintenis in eenvoudige zin zoals het legaat.
Bij drie (quasi-)partijen (en het goederenrechtelijke verband op de goederen van de nalatenschap) hebben wij hiervoor reeds stilgestaan:
de erflater
de erfgenaam
de executeur
Het vergt niet veel van de juridische fantasie om hier een 'driepartijenver-houding' te ontwaren. De interne rechtsverhouding speelt in concreto tussen erfgenaam (als rechtsopvolger) en executeur, doch in abstracto mede gelet op de belangrijke erfrechtelijke bepaling art. 3:77 BW tussen erflater en executeur. Thans komt er een vierde partij bij die in het recht door het leven gaat als de 'wederpartij'.Wie denkt in termen van 'erfrechtelijke' vertegenwoordiging en kijkt naar de externe relatie, ziet zowel executeur als erfgenaam er 'tussenuit vallen', waarbij het niet onbelangrijk is om wat de toerekening betreft te melden dat erflater overleden is. Dit 'probleem' wordt, zoals gezien gedekt door de 'saisine', waardoor de erfgenamen (alsnog) de partij-status van erflater, als opvolger onder algemene titel, in de schoot valt.
Wie denkt in termen van middellijke vertegenwoordiging ziet nog plaats voor de executeur als 'partij', daar waar hij 'in eigen naam' handelt.
Dit ter inleiding. Het moment lijkt aangebroken om uitgebreider in te gaan op vertegenwoordigingsvraagstukken, en met name op het vraagstuk of een executeur handelt als onmiddellijk dan wel middellijk vertegenwoordiger. Ik sluit niet uit dat de wederpartij (de vierde partij) hierna, zoals gebruikelijk, ook als 'derde' bestempeld zal worden.
Kortmann1 wijst er op dat een eenvoudige omschrijving van het begrip vertegenwoordiging in het privaatrecht niet te geven is en vervolgt:
'Pogen wij tot een benadering van het begrip te komen. Bij vertegenwoordiging hebben wij steeds te doen met een vertegenwoordiger en een vertegenwoordigde. De vertegenwoordiger handelt, doch de handeling treft in haar gevolgen de vertegenwoordigde. Het begrip vertegenwoordiging kan worden beperkt tot directe of onmiddellijke vertegenwoordiging.'
Het handelen van een vertegenwoordiger kan een rechtsverhouding bewerkstelligen, aldus Kortmann, waarbij in zijn ogen als regel nodig zal zijn voor dit 'bewerkstelligen' een zekere band tussen vertegenwoordigde en vertegen-woordiger.2
Wat betekenen deze gedachten voor het erfrecht en de executeur in het bijzonder?