BNB 2026/77
Stelplicht en bewijslast bij betwisting datum terpostbezorging naheffingsaanslag
HR 17-04-2026, ECLI:NL:HR:2026:677, m.nt. A.O. Lubbers
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 april 2026
- Magistraten
Mrs. Van Hilten, Punt, Fierstra
- Zaaknummer
25/00089
- Noot
A.O. Lubbers
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD105455:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:677, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑04‑2026
Beroepschrift, Hoge Raad, 17‑04‑2026
- Wetingang
Essentie
Stelplicht en bewijslast bij betwisting datum terpostbezorging naheffingsaanslag
Samenvatting
Belanghebbende heeft niet binnen zes weken bezwaar gemaakt tegen de naheffingsaanslag BPM die de Inspecteur aan hem heeft opgelegd. Als reden daarvoor voert belanghebbende aan dat de naheffingsaanslag door de postbode in de brievenbus van zijn buurman is bezorgd en dat de buurman deze niet direct aan hem heeft gegeven. Volgens de Rechtbank is het bezwaar niet-ontvankelijk omdat de naheffingsaanslag tijdig en naar het juiste adres is gestuurd en een verschoonbare termijnoverschrijding niet is gebleken.
HR: Als een belanghebbende stelt dat hij een per post verzonden naheffingsaanslag pas na ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.