NJFS 2007, 189
Rb. Leeuwarden, 24-05-2007, nr. 17/840110-06
Rb. Leeuwarden 24-05-2007, ECLI:NL:RBLEE:2007:BA5604
- Instantie
Rechtbank Leeuwarden
- Datum
24 mei 2007
- Magistraten
Mrs. M.H. Severein, A.H.M. Dölle, J.Y.B. Jansen
- Zaaknummer
17/840110-06
- LJN
BA5604
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Opiumwet
Gezondheidsrecht / Bijzondere onderwerpen
Materieel strafrecht (V)
Bijzonder strafrecht / Bijzondere onderwerpen strafrecht
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBLEE:2007:BA5604, Uitspraak, Rechtbank Leeuwarden, 24‑05‑2007
- Wetingang
Opiumwet art. 9
Essentie
Opiumzaken. Hoewel op 7 juni 2005 al een anonieme melding was binnengekomen en op 22 september 2005 warmtebeelden zijn gemaakt, was op 9 januari 2006, gelet op het duurzame karakter van een hennepplantage, de verdenking als bedoeld in art. 9 Opiumwet nog steeds valide.
Partij(en)
Vonnis in de zaak tegen de verdachte. Adv. mr. T. van der Goot, te Leeuwarden.
Uitspraak
Rechtbank:
Bespreking verweer
De raadsman heeft het verweer gevoerd dat er tegen verdachte geen redelijke verdenking was, zodat de binnentreding in het kader van het bepaalde in art. 9 Opiumwet onrechtmatig ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.