NJF 2018/365
Warmtewet. Verhuurder wooncomplex met collectieve verwarmingsinstallatie dient als leverancier in de zin van de Warmtewet te worden aangemerkt. In beginsel recht op compensatie bij storing.
Rb. Den Haag 15-03-2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:4980
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
15 maart 2018
- Magistraten
Mr. M.T. Nijhuis
- Zaaknummer
6390255 RL EXPL 17-25726
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Huur van woonruimte
Energierecht / Distributie
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2018:4980, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 15‑03‑2018
- Wetingang
Art. 3 lid 4 Warmtewet
Essentie
Warmtewet. Verhuurder wooncomplex met collectieve verwarmingsinstallatie dient als leverancier in de zin van de Warmtewet te worden aangemerkt. In beginsel recht op compensatie bij storing.
Samenvatting
Eiser huurt van Relax een appartement in een complex dat door middel van een collectieve verwarmingsinstallatie wordt verwarmd. Er is in het verleden sprake geweest van een storing in de levering en eiser vordert op grond van art. 3 lid 4 Warmtewet een compensatie hiervoor. Eerst moet de kantonrechter de vraag beantwoorden of Relax kan worden aangemerkt als warmteleverancier in de zin van de Warmtewet. Die vraag beantwoordt de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.