Platformisering, algoritmisering en sociale bescherming
Einde inhoudsopgave
Platformisering, algoritmisering en sociale bescherming (MSR nr. 78) 2021/3.2:3.2 Terminologie en afbakening
Platformisering, algoritmisering en sociale bescherming (MSR nr. 78) 2021/3.2
3.2 Terminologie en afbakening
Documentgegevens:
Hanneke Bennaars, datum 01-05-2021
- Datum
01-05-2021
- Auteur
Hanneke Bennaars
- JCDI
JCDI:ADS288481:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Sociale zekerheid algemeen (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Er bestaat geen wettelijke definitie van platformwerk en evenmin is in het academisch debat sprake van één definitie die wordt gehanteerd. Datzelfde geldt voor de context waarbinnen platformwerk zich afspeelt: is het de deeleconomie (sharing economy of collaborative economy) of de kluseconomie (gig economy)? In 2017 is een uitgebreide Europese studie verschenen over de verschillende definities.1 In de Nederlandse context is een vergelijkbare analyse gemaakt in het rapport Eerlijk delen van het Rathenau Instituut.2 Ik sluit voor de afbakening van dit hoofdstuk grotendeels aan bij de terminologie uit dat rapport.3
Dit hoofdstuk gaat over de relatie tussen het platform enerzijds en de werkende die ‘work-on-demand-via-app’4 verricht. Daarmee wordt gedoeld op werk dat fysiek op de lokale markt wordt uitgevoerd, hoewel de opdracht voor het uitvoeren van de werkzaamheden via een internetapplicatie tot stand komt. Gedacht kan worden aan personenvervoer, koeriersdiensten, maaltijdbezorging, huishoudelijke dienstverlening (schoonmaak, oppas, etc.), bemiddeling in personeel (bijvoorbeeld horecapersoneel). Ik beperk mij daarbij tot commerciële platforms en ga niet in op platforms waarbij consumenten onderling elkaar gebruik laten maken van diensten (of goederen). Buiten beschouwing blijft ook ‘crowdwork’: werk dat niet alleen digitaal wordt verdeeld, maar ook digitaal wordt uitgevoerd. Dit kan variëren van microtaken, zoals het labelen (‘taggen’) van foto's of afbeeldingen, tot grotere projecten, zoals bijvoorbeeld het ontwerpen van een logo of een marketingcampagne. Ook buiten beschouwing blijven platforms waarbij de nadruk op het bij elkaar brengen van vraag en aanbod van goederen centraal staan. Ten slotte ziet deze bijdrage niet op de verhouding tussen een platform als YouTube en (kind)vloggers of e-sporters en gamers.