AB 2009, 379
Una via en voorwaardelijk sepot.
CRvB 08-07-2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3991, m.nt. H.E. Bröring
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
8 juli 2009
- Magistraten
Mrs. H.J. Simon, H.J. de Mooij, L.J.A. Damen
- Zaaknummer
07/5785 ANW
- Noot
H.E. Bröring
- LJN
BJ3991
- JCDI
JCDI:ADS289928:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Bijzonder strafrecht / Sociale zekerheid
Sociale zekerheid nabestaanden / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3991, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 08‑07‑2009
- Wetingang
Essentie
Una via en voorwaardelijk sepot.
Samenvatting
Anders dan de situatie waarin de OvJ tot een onvoorwaardelijk sepot heeft besloten, met betrekking tot welk sepot in de genoemde richtlijnen is onderkend dat alsnog een administratiefrechtelijke boete kan worden opgelegd (zie ook de uitspraak van de Raad van 28 juli 2006, LJN AY5570), is de Raad in het licht van de wetsgeschiedenis van de Wet Boeten van oordeel dat bij een sepot waarbij door de OvJ een voorwaarde is gesteld om van verdere vervolging af te zien, een strafrechtelijke interventie heeft plaatsgevonden waarna voor het bestuursorgaan geen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.