NJ 1969, 14
HR, 13-10-1967
HR 13-10-1967, ECLI:NL:PHR:1967:AE2469, m.nt. K. Wiersma
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
13 oktober 1967
- Magistraten
De Jong, Wiarda, Houwing, Loeff, Beekhuis
- Zaaknummer
[1967-10-13/NJ_51912]
- Noot
K. Wiersma
- LJN
AE2469
- JCDI
JCDI:ADS159718:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Agrarisch recht (V)
Vermogensrecht (V)
Erfrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1967:AE2469, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 13‑10‑1967
ECLI:NL:PHR:1967:AE2469, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 13‑10‑1967
- Wetingang
BW art. 1122; Pw Hfst. 1 § 9A
Essentie
Belangen en omstandigheden waarmede de rechter, oordelende over een verzoek tot toepassing van art. 1122 BW, rekening mag houden. Eerbiediging van het voorkeursrecht van de pachter.
Samenvatting
De rechter is nimmer verplicht het in art. 1122 BW bedoelde bevel tot verkoop te geven en heeft reeds daarom vrijheid om rekening te houden met de belangen die de echtgenoot van een der mede-erven aan een op het onroerend goed betrekking hebbend pachtcontract ontleent. Ook het niet-bestaan van een voorkeursrecht van de pachter in geval van verkoop krachtens een bevel des rechters, is een omstandigheid waarmede de rechter, oordelende over ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.