NJ 1968, 303
HR, 26-06-1968: Cato
HR 26-06-1968, ECLI:NL:PHR:1968:AB6043, m.nt. G.J. Scholten (Cato)
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
26 juni 1968
- Magistraten
De Jong, Wiarda, Hulsmann, Dubbink, Minkenhof
- Zaaknummer
[1968-06-26/NJ_51755]
- Conclusie
A-G Van Oosten
- Noot
G.J. Scholten
- LJN
AB6043
- Roepnaam
Cato
- JCDI
JCDI:ADS48911:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vervoersrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1968:AB6043, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 26‑06‑1968
ECLI:NL:PHR:1968:AB6043, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 26‑06‑1968
- Wetingang
K art. 469 lid 6
Essentie
Lossing van vervoerde goederen, die gevaar voor schip of lading opleveren. Vraag of zeevervoerder door art. 469, lid 6K. ook dèn van aansprakelijkheid voor schade door de lossing is ontheven, indien de gevaarlijkheid der goederen aan zijn schuld is te wijten.
Samenvatting
Art. 469, zesde lid, K. ontheft de vervoerder van goederen van gevaarlijke aard onder bepaalde omstandigheden van zijn verplichting voor die goederen zorg te dragen door hem de bevoegdheid te geven die goederen te lossen, te vernietigen of onschadelijk te maken, welke bevoegdheid t.a.v. goederen, met de gevaarlijke aard waarvan de vervoerder bekend was, door de tweede ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.