JOL 2003, 129
Erfrecht. Bevoegdheid legataris-erfgenaam aanvaarding legaat met verwerping nalatenschap. Art. 4:1019 en 1085 lid 2 (oud) BW: strekking. Anticipatie op art. 4:120 BW? Devolutieve werking hoger beroep. Onrechtmatige daad of misbruik van recht crediteur/legataris tegenover medecrediteuren?; beoordeling aan hand alle omstandigheden van geval.
HR 07-03-2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1790 (Buysse/Swinkels)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 maart 2003
- Magistraten
R. Herrmann, J.B. Fleers, H.A.M. Aaftink, P.C. Kop, F.B. Bakels, Vries Lentsch-Kostense
- Zaaknummer
C01/107HR
- Conclusie
A-G De Vries Lentsch-Kostense
- LJN
AF1790
- Roepnaam
Buysse/Swinkels
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2003:AF1790, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑03‑2003
ECLI:NL:PHR:2003:AF1790, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 07‑03‑2003
Essentie
Erfrecht. Bevoegdheid legataris-erfgenaam aanvaarding legaat met verwerping nalatenschap. Art. 4:1019 en 1085 lid 2 (oud) BW: strekking. Anticipatie op art. 4:120 BW? Devolutieve werking hoger beroep. Onrechtmatige daad of misbruik van recht crediteur/legataris tegenover medecrediteuren?; beoordeling aan hand alle omstandigheden van geval.
De legataris die tevens erfgenaam is, is bevoegd enerzijds de nalatenschap te verwerpen en anderzijds het legaat te aanvaarden. Art. 4:1019 (vermindering van legaten) en 4:1085 lid 2 (verhaal schuldeisers tegenover legatarissen) (oud) BW hebben alleen betrekking op het geval dat de nalatenschap beneficiair is aanvaard en derhalve sprake is van een afgescheiden boedel die moet worden ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.