JOL 2003, 188
Toezegging OM aan informant tot volledige en absolute geheimhouding; onverenigbaar met art. 68 Grondwet?; nietig wegens strijd met art. 22 lid 1 Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten?
HR 28-03-2003, ECLI:NL:HR:2003:AE5149 (Mink K.)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 maart 2003
- Magistraten
R. Herrmann, A.E.M. van der Putt-Lauwers, H.A.M. Aaftink, D.H. Beukenhorst, A. Hammerstein
- Zaaknummer
C01/313HR
- Conclusie
A-G Langemeijer
- LJN
AE5149
- Roepnaam
Mink K.
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2003:AE5149, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑03‑2003
ECLI:NL:PHR:2003:AE5149, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 28‑03‑2003
Essentie
Toezegging OM aan informant tot volledige en absolute geheimhouding; onverenigbaar met art. 68 Grondwet?; nietig wegens strijd met art. 22 lid 1 Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten?
Het doen van een toezegging door het Om tot het garanderen van volledige en absolute geheimhouding in het belang van een persoon die slechts onder deze voorwaarde bereid is gebleken informatie te verschaffen, kan niet als zodanig onder alle omstandigheden onverenigbaar worden geoordeeld met de in art. 68 Gr.w neergelegde inlichtingenplicht van de ministers en de staatssecretarissen van dit artikel dat het recht van het parlement op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.