Inhoudsopgave
NJB 2007, 21:HR, 08-12-2006, nr. C05/245HR
NJB 2007, 21
HR, 08-12-2006, nr. C05/245HR
Documentgegevens:
HR 08-12-2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ2655
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
8 december 2006
- Zaaknummer
C05/245HR
- LJN
AZ2655
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Materieel strafrecht (V)
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2006:AZ2655, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 08‑12‑2006
ECLI:NL:HR:2006:AZ2655, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 08‑12‑2006
- Wetingang
RO art. 81
Essentie
Vennootschapsrecht. Onbevoegde vertegenwoordiging en tegenstrijdig belang (art. 2:256 BW). Geschil tussen een moedervennootschap en een derde over haar aansprakelijkheid — uit hoofde van garantstelling — tot vergoeding van de schade die deze derde door ontbinding van de met haar dochtervennootschap gesloten huurovereenkomst heeft geleden.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.