NJB 2007, 486
HR, 09-02-2007, nr. C05/327HR
HR 09-02-2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ3534
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
9 februari 2007
- Zaaknummer
C05/327HR
- LJN
AZ3534
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Burgerlijk procesrecht (V)
EU-recht (V)
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2007:AZ3534, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 09‑02‑2007
ECLI:NL:HR:2007:AZ3534, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 09‑02‑2007
- Wetingang
RO art. 81
Essentie
Vordering tot zekerheidstelling d.m.v. bankgarantie voor voldoening van bij arbitraal vonnis toegewezen vordering. Vervolg op HR 6 februari 2004, nr. C02/202, NJ 2005, 404 (Ladbrokes/Nationale Sporttotalisator). Voorzieningenrechter is bevoegd op grond van art. 24 EEX-Verdrag (voorlopige/bewarende maatregel) jo. art. 126 lid 3 (oud) Rv. Eiser heeft spoedeisend belang.
Uitspraak
A‑G mr. L. Strikwerda concludeert tot verwerping. Hij stelt voorop dat in het eerdere arrest van de Hoge Raad in deze zaak is beslist dat de president bevoegd is op grond van art. 24 EEX-Verdrag (voorlopige/bewarende maatregel) jo. art. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.