NJB 2007, 718
HR, 16-03-2007, nr. R05/158HR
HR 16-03-2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ5685
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
16 maart 2007
- Zaaknummer
R05/158HR
- LJN
AZ5685
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Juridische beroepen / Rechter
Internationaal privaatrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Staatsrecht / Rechtspraak
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2007:AZ5685, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 16‑03‑2007
ECLI:NL:HR:2007:AZ5685, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 16‑03‑2007
- Wetingang
RO art. 81
Essentie
Internationale rechtsmacht bij echtscheiding. Goede procesorde. De man voert in hoger beroep het verweer dat de rechtbank krachtens art. 12 Rv de echtscheidingszaak had moeten aanhouden en zich vervolgens onbevoegd had moeten verklaren, omdat in Marokko reeds een tot ontbinding van het huwelijk strekkende procedure aanhangig was. Het hof staat niet toe dat de man daarop betrekking hebbende bewijsstukken overlegt bij de mondelinge behandeling in hoger beroep en laat hem niet toe tot bewijs wegens strijd met de goede procesorde. Vervolgens verwerpt het hof het verweer, omdat het door de man gestelde niet is komen vast te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.