Einde inhoudsopgave
RvdW 2007, 791
HR, 21-09-2007, nr. R07/131HR
HR 21-09-2007, ECLI:NL:HR:2007:BB2964
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
21 september 2007
- Magistraten
Mrs. D.H. Beukenhorst, O. de Savornin Lohman, P.C. Kop, J.C. van Oven, W.D.H. Asser
- Zaaknummer
R07/131HR
- Conclusie
A-G Langemeijer
- LJN
BB2964
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2007:BB2964, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 21‑09‑2007
ECLI:NL:HR:2007:BB2964, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 21‑09‑2007
Essentie
Wet Bopz. Verlening voorlopige machtiging; gevaarscriterium. Cassatieberoep verworpen met toepassing van art. 81 RO.
Partij(en)
[Betrokkene], te [woonplaats], verzoekster tot cassatie, adv. mr. G.E.M. Later,
tegen
De Officier van Justitie in het arrondissement Zwolle-Lelystad, verweerder in cassatie, niet verschenen.
Uitspraak
Hoge Raad:
1. Het geding in feitelijke instantie
De officier van justitie in het arrondissement Zwolle-Lelystad heeft op 23 maart 2007 onder overlegging van een op 15 maart 2007 ondertekende geneeskundige verklaring van [de psychiater], als de niet bij de behandeling betrokken psychiater, een verzoek ingediend bij de rechtbank aldaar tot het verlenen van een voorlopige machtiging tot het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.