RFR 2007, 132
BOPZ. Kan, met analoge toepassing art. 17 lid 4 Wet Bopz, machtiging worden verleend voor voortgezet verblijf in psychiatrisch ziekenhuis voor vijf jaar?
HR 05-10-2007, ECLI:NL:PHR:2007:BB3036
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
5 oktober 2007
- Magistraten
Mrs. P.C. Kop, A. Hammerstein, W.D.H. Asser
- Zaaknummer
R07/135HR
- Conclusie
A-G Langemeijer
- LJN
BB3036
- JCDI
JCDI:ADS871611:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Gezondheidsrecht / Algemeen
Openbare orde en veiligheid / Bijzondere onderwerpen
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Staatsrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2007:BB3036, Uitspraak, Hoge Raad, 05‑10‑2007
ECLI:NL:PHR:2007:BB3036, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 05‑10‑2007
- Wetingang
BOPZ art. 17 lid 4; BOPZ art. 19; EVRM art. 5; GW art. 15 lid 1
Essentie
Kan, met analoge toepassing van art. 17 lid 4 Wet Bopz, een machtiging worden verleend voor voortgezet verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis voor vijf jaar?
Samenvatting
Verweerder, geboren in 1933, verblijft al ruim 30 jaar in een psychiatrische inrichting. De officier van justitie heeft verzocht een machtiging tot voortgezet verblijf te verlenen. De behandelend arts heeft verklaard dat de afdeling waar verweerder verblijft een psychogeriatrische afdeling is, bestemd voor ouderen, waarbij de nadruk ligt op verblijf en verzorging zonder dat uitzicht is op herstel en terugkeer naar de maatschappij. In het geval van verweerder is geen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.