NJB 2008, 125
HR, 14-12-2007, nr. C06/150HR
HR 14-12-2007, ECLI:NL:HR:2007:BB7198
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
14 december 2007
- Magistraten
Mrs. D.H. Beukenhorst, A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, A. Hammerstein en F.B. Bakels
- Zaaknummer
C06/150HR
- Conclusie
A-G mr. J. Spier
- LJN
BB7198
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2007:BB7198, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 14‑12‑2007
ECLI:NL:HR:2007:BB7198, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 14‑12‑2007
- Wetingang
BW art. 6:162; Hinderwet art. 2 (oud); Hinderbesl. art. 1a (oud)
Essentie
Opgewekt vertrouwen. Causaal verband. Een varkenshouder stelt uit een brief van de gemeente te hebben mogen afleiden dat hij 2400 mestvarkens mocht bijplaatsen en vordert schade omdat later is gebleken dat die bijplaatsing niet werd toegestaan. Voorts vordert hij schade omdat de gemeente te laat heeft beslist op zijn verzoek om wijziging van de hinderwetvergunning. HR: niet onbegrijpelijk zijn de oordelen van het hof dat eiser niet op grond van de brief van de gemeente erop mocht vertrouwen dat het bijplaatsen van 2400 mestvarkens werd toegestaan, dat het al dan niet gebruik maken van de bestaande hinderwetvergunning binnen de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.