Einde inhoudsopgave
RvdW 2009, 212
HR, 23-01-2009, nr. C07/198HR
HR 23-01-2009, ECLI:NL:HR:2009:BH0607
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
23 januari 2009
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, J.C. van Oven, W.A.M. van Schendel
- Zaaknummer
C07/198HR
- Conclusie
A-G Strikwerda
- LJN
BH0607
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2009:BH0607, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 23‑01‑2009
ECLI:NL:HR:2009:BH0607, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 23‑01‑2009
Essentie
Verkeersaansprakelijkheid; vrijwaring; bewijswaardering.
Cassatieberoep verworpen met toepassing van art. 81 RO.
Partij(en)
[Eiser], te [woonplaats], eiser tot cassatie, adv. mr. R. Menschaert,
tegen
[Verweerder], te [woonplaats], verweerder in cassatie, niet verschenen.
Uitspraak
Hoge Raad:
1. Het geding in feitelijke instanties
Nationale Nederlanden (hierna: NN) heeft bij exploot van 27 februari 2001 [verweerder] gedagvaard voor de rechtbank 's‑Gravenhage en gevorderd, kort gezegd, [verweerder] te veroordelen tot vergoeding van het door NN ter zake van een ongeval uitgekeerd bedrag.
[Verweerder] heeft bij dagvaarding in vrijwaring [eiser] opgeroepen.
Bij vonnis van 5 juni 2002 heeft de rechtbank in de hoofdzaak geoordeeld ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.