V-N Vandaag 2025/846
Lage proceskostenvergoeding voor 'no cure no pay' gemachtigde
HR 25-04-2025, ECLI:NL:HR:2025:671
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 april 2025
- Zaaknummer
24/01331 bis
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht (V)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Belastingheffing van motorrijtuigen / Belasting van personenauto's en motorrijwielen
Fiscaal procesrecht / Griffierecht
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:671, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑04‑2025
- Wetingang
Essentie
De Hoge Raad oordeelt bij wijze van eindarrest dat de door X verstrekte gegevens ten onrechte zijn toegespitst op de kosten van deze cassatieprocedure en geen inzicht geven in het bedrijfsmodel van het kantoor van de gemachtigde.
Samenvatting
X doet BPM-aangifte voor een personenauto. In geschil is de naheffingsaanslag. Rechtbank Den Haag verlaagt de aanslag en X krijgt wegens het overschrijden van de redelijke termijn een immateriëleschadevergoeding van € 500. Hof Den Haag handhaaft de (verminderde) aanslag. Niet in geschil is dat in eerste aanleg de proceskostenvergoeding voor de bezwaar- en beroepsfase onjuist is vastgesteld. Deze wordt alsnog verhoogd ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.