Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/21.2.1:21.2.1 Inleiding
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/21.2.1
21.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS482417:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het BW (oud) kent geen omschrijving van het begrip ‘muur’. Bestudering van de verschillende wetsartikelen leidt tot de conclusie dat de wetgever een aantal functies van een gemene scheidsmuur onderkent. Via deze functies komen wij tot een omschrijving van het begrip ‘muur’. Vooraf het volgende:
In art. 698 BW (oud) wordt bepaald dat de art. 681 tot en met 697 waarin wordt gesproken over muren ook van toepassing zijn op afsluitingen van hout. Een muur is derhalve niet van hout!
In art. 691 BW (oud) wordt bepaald dat een heining mag worden vervangen door een muur, maar dat een muur niet vervangen mag worden door een heining. Kortom een muur is geen heining. Een heining is van mindere kwaliteit dan een muur.1
Overigens is ook het begrip ‘heining’ niet helemaal duidelijk.
Davids wenst onder een ‘heining’ te verstaan:
‘niet slechts een schutting2 of hek, maar elk werk tussen twee erven, dat voor deze erven van gemeenschappelijk nut is.’3
Een heining kan volgens schrijver bestaan uit palen, gaas en draad, zelfs als de palen niet van hout zijn.4
Dit laatste ben ik wel met Davids eens. Maar uit zijn ruime omschrijving van heining zou moeten volgen dat ook een muur als heining moet worden aangemerkt. Dit lijkt mij in strijd met de wettekst. Een muur is geen heining!