Einde inhoudsopgave
RvdW 2008, 302
EHRM, 27-11-2007, nr. 58295/00
EHRM 27-11-2007, ECLI:CE:ECHR:2007:1127JUD005829500
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
27 november 2007
- Magistraten
F. Tulkens, A.B. Baka, M. Ugrekhelidze, V. Zagrebelsky, A. Mularoni, D. Jočienė, D. Popović
- Zaaknummer
58295/00
- LJN
BC2026
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Discriminatieverbod
EU-recht (V)
Strafprocesrecht (V)
Europees belastingrecht / Discriminatie
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:2007:1127JUD005829500, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 27‑11‑2007
- Wetingang
Essentie
Zagaria tegen Italië
Klager staat terecht wegens misdrijven die verband houden met de maffia. Overeenkomstig Italiaans recht is hij niet in de gerechtszaal aanwezig maar staat hij op afstand terecht (art. 146bis Italiaans Wetboek van strafvordering). Het proces volgt hij d.m.v. audio-visuele middelen; met zijn raadsman communiceert hij ex art. 146bis lid 4 vertrouwelijk per telefoon. In het dossier treft de raadsman echter een schriftelijk verslag aan, gemaakt door een surveillant, van een gesprek met zijn cliënt over een fax en een man genaamd R.G. Voor een eerlijk proces is het essentieel dat een beschuldigde zijn raadsman vertrouwelijke instructies ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.