AB 2024/7
Staat er een bestuursrechtelijke rechtsgang open tegen de bovenwettelijke heffing van (extra) studiekosten in het hoger onderwijs?
Hof Den Haag 03-01-2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:957, m.nt. M.S.P. van den Hove & S. Philipsen
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
3 januari 2023
- Magistraten
Mrs. D.A Schreuder, M.Y. Bonneur, J.N. Blécourt
- Zaaknummer
200.299.437/01
- Noot
M.S.P. van den Hove & S. Philipsen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS937340:1
- Vakgebied(en)
Onderwijsrecht / Hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek
Sociale zekerheid kinderen en jongeren / Studiefinanciering
Bestuursprocesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2023:957, Uitspraak, Hof Den Haag, 03‑01‑2023
- Wetingang
Essentie
Universiteit vraagt rond de € 34.000 aan studenten voor een tweejarige masteropleiding. In strijd met de wet? En is de bestuursrechter of de civiele rechter bevoegd?
Samenvatting
De oud-studenten hebben een deeltijd master bedrijfskunde aan de EUR gevolgd bestemd voor werkenden (“mid-career professionals”). Het collegegeld bedroeg voor deze deeltijd master in totaal rond de € 34.000,-. De oud-studenten voeren — naar aanleiding van een onderzoek door de Inspectie van het Onderwijs — aan dat het de EUR niet vrijstond om meer dan het wettelijk collegegeld van rond de € 2.000,- per jaar in rekening te brengen en willen terugbetaling van het meerdere. (…) ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.