NJ 2007, 516
HvJ EG, 03-10-2006, nr. C-17/05
HvJ EG 03-10-2006, ECLI:EU:C:2006:633
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
3 oktober 2006
- Magistraten
V. Skouris, P. Jann, C. W. A. Timmermans, A. Rosas, R. Schintgen, N. Colneric, S. von Bahr, J. N. Cunha Rodrigues, J. Klučka, U. Lõhmus, E. Levits, A. Ó Caoimh, L. Bay Larsen
- Zaaknummer
C-17/05
- Conclusie
A-G M. Poiares Maduro
- LJN
AZ1449
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
EU-recht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2006:633, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 03‑10‑2006
- Wetingang
EG Verord. art. 141
Essentie
Sociale politiek. Beginsel van gelijke beloning van mannelijke en vrouwelijke werknemers. Anciënniteit mede bepalend voor vaststelling van beloningen. Objectieve rechtvaardiging. Bewijslast.
Samenvatting
Artikel 141 EG moet aldus worden uitgelegd dat in het geval waarin de toepassing van het criterium anciënniteit als element voor de vaststelling van de beloningen, leidt tot verschillen in beloning, voor gelijke of gelijkwaardige arbeid, tussen de in de vergelijking te betrekken mannelijke en vrouwelijke werknemers:
- —
de werkgever, omdat de toepassing van het criterium anciënniteit in de regel geschikt is ter bereiking van het legitieme doel, beroepservaring die de werknemer in staat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.