RSV 2014/171
Afwijzing aanvraag langdurigheidstoeslag op de grond dat betrokkene niet voldoet aan de in artikel 2, eerste lid, Verordening opgenomen voorwaarde dat de belanghebbende gedurende de referteperiode aangewezen is geweest op een inkomen dat niet hoger is dan de toepasselijke bijstandsnorm. De beroepsgrond dat deze bepaling onverbindend is, slaagt niet
CRvB 27-05-2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1854, m.nt. Mr. H. van Deutekom
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
27 mei 2014
- Magistraten
Mrs. J.P.M. Zeijen, W.F. Claessens en G.M.G. Hink
- Zaaknummer
12-3966 WWB
- Noot
Mr. H. van Deutekom
- JCDI
JCDI:ADS918685:1
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid bijstand / Algemene bijstand
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2014:1854, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 27‑05‑2014
- Wetingang
Essentie
Afwijzing aanvraag langdurigheidstoeslag op de grond dat betrokkene niet voldoet aan de in artikel 2, eerste lid, Verordening opgenomen voorwaarde dat de belanghebbende gedurende de referteperiode aangewezen is geweest op een inkomen dat niet hoger is dan de toepasselijke bijstandsnorm. De beroepsgrond dat deze bepaling onverbindend is, slaagt niet
Samenvatting
De rechtbank heeft terecht onder verwijzing naar de Memorie van Toelichting bij de wijziging van de WWB in verband met decentralisatie van de langdurigheidstoeslag overwogen dat de gemeente de vrijheid heeft om invulling te geven aan het begrip ‘laag inkomen’. De omstandigheid dat het college het begrip ‘laag ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.