Einde inhoudsopgave
RvdW 2010, 694
Vrij verkeer van werknemers. Gelijke behandeling. Bijzondere anciƫnniteitstoelage voor hoogleraren waarin wordt voorzien door nationale regeling waarvan onverenigbaarheid met gemeenschapsrecht is vastgesteld in arrest van het Hof. Verjaringstermijn.
HvJ EU 15-04-2010, ECLI:EU:C:2010:193 (Friedrich G. Barth/Bundesministerium für Wissenschaft und Forschung)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
15 april 2010
- Magistraten
J. C. Bonichot, C. Toader, C. W. A. Timmermans, P. Kļris en L. Bay Larsen
- Zaaknummer
C-542/08
- Conclusie
A-G Y. Bot
- LJN
BM2200
- Roepnaam
Friedrich G. Barth/Bundesministerium für Wissenschaft und Forschung
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
EU-recht / Marktintegratie
Europees belastingrecht / Europese verdragsvrijheden
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2010:193, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 15ā04ā2010
- Wetingang
EG-verdrag, artikel 39 (VWEU, artikel 45) en verordening 1612/68. artikel 7, lid 1
Essentie
Friedrich G. Barth tegen Bundesministerium für Wissenschaft und Forschung
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het Verwaltungsgerichtshof (Oostenrijk) bij beslissing van 12 november 2008. Vrij verkeer van werknemers. Gelijke behandeling. Bijzondere anciënniteitstoelage voor hoogleraren waarin wordt voorzien door nationale regeling waarvan onverenigbaarheid met gemeenschapsrecht is vastgesteld in arrest van het Hof. Verjaringstermijn. Het Unierecht verzet zich niet tegen een regeling als die welke in het hoofdgeding aan de orde is, volgens welke voor aanvragen tot betaling van een bijzondere anciënniteitstoelage die vóór het arrest van 30 september 2003, Köbler (C 224/01), op grond van een met het gemeenschapsrecht ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.