NJ 1939/848
Geldigheid van een in Duitschland door Duitsch echtpaar gesloten Erbvertrag-. Art. 977 B. W. vormvoorschrift. Strijd met Nederl. rechtsorde?
HR 02-02-1939, ECLI:NL:HR:1939:23, m.nt. Prof. E.M. Meijers
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 februari 1939
- Magistraten
Mrs. v. Gelein Vitringa, Kirberger, Fick, Nypels, Meckmann
- Zaaknummer
[02021939/NJ_1939-848]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Noot
Prof. E.M. Meijers
- JCDI
JCDI:ADS163690:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Bijzondere onderwerpen
Erfrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1939:23, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑02‑1939
- Wetingang
(BW art. 977; Wet AB art. 10.)
Essentie
Geldigheid van een in Duitschland door Duitsch echtpaar gesloten Erbvertrag-. Art. 977 B. W. vormvoorschrift. Strijd met Nederl. rechtsorde?
Samenvatting
Art. 977 B. W. bevat een vormvoorschrift voor testamenten. Het kan dus ingevolge art. 10 Alg. Bepp. de geldigheid van het in Duitschland door het echtpaar gesloten Erbvertrag niet deren.
Indien men al in artikel 977 een regeling zou willen zien gericht tegen het onherroepelijk karakter, dat aan gemeenschappelijke testamenten veelal als rechtsgevolg werd vastgeknoopt, dan nog zou in het enkele feit dat het art. een dwingend karakter draagt, geen grond gelegen kunnen zijn om in Nederland ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.