GS Rechtspersonen, art. 2:345 BW, aant. 1.6:1.6 Indiening van het enquêteverzoek (lid 1)
GS Rechtspersonen, art. 2:345 BW, aant. 1.6
1.6 Indiening van het enquêteverzoek (lid 1)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Documentgegevens:
mr. F. Veenstra, actueel t/m 01-05-2014
Actueel t/m
01-05-2014
Tijdvak
01-01-2013 tot: -
Auteur
mr. F. Veenstra
Vindplaats
GS Rechtspersonen, art. 2:345 BW, aant. 1.6
Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Burgerlijk procesrecht / Rechtspleging van onderscheiden aard
Ingevolge art. 278 lid 1 Rv dient het verzoekschrift een duidelijke omschrijving te bevatten van het verzoek en de gronden waarop het berust; zie aant. 1.5. Bovendien dienen te worden vermeld de voornamen, naam en woonplaats of, bij gebreke van een woonplaats in Nederland, het werkelijk verblijf van de verzoeker. Zie aldus ook art. 2.2.3.1 juncto art. 2.1.2.5 Procesreglement verzoekschriftprocedures handels- en insolventiezaken gerechtshoven (versie januari 2014; te raadplegen via www.rechtspraak.nl) (hierna: Procesreglement januari 2014), met de aanvulling dat ook de naam en het adres van de behandelend advocaat dienen te worden vermeld. In aanvulling op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
GS Rechtspersonen, art. 2:345 BW, aant. 1.6
1.6 Indiening van het enquêteverzoek (lid 1)
mr. F. Veenstra, actueel t/m 01-05-2014
01-05-2014
01-01-2013 tot: -
mr. F. Veenstra
GS Rechtspersonen, art. 2:345 BW, aant. 1.6
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Burgerlijk procesrecht / Rechtspleging van onderscheiden aard
onderzoek
rechtspersonenrecht
Ondernemingskamer
enquêterecht (rechtspersoon)
ondernemingsrecht
bijzondere rechtspleging
rechtspersoon
Burgerlijk Wetboek Boek 2 artikel 345
Ingevolge art. 278 lid 1 Rv dient het verzoekschrift een duidelijke omschrijving te bevatten van het verzoek en de gronden waarop het berust; zie aant. 1.5. Bovendien dienen te worden vermeld de voornamen, naam en woonplaats of, bij gebreke van een woonplaats in Nederland, het werkelijk verblijf van de verzoeker. Zie aldus ook art. 2.2.3.1 juncto art. 2.1.2.5 Procesreglement verzoekschriftprocedures handels- en insolventiezaken gerechtshoven (versie januari 2014; te raadplegen via www.rechtspraak.nl) (hierna: Procesreglement januari 2014), met de aanvulling dat ook de naam en het adres van de behandelend advocaat dienen te worden vermeld. In aanvulling op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.