NJ 1914, p. 947
HR, 08-06-1914
HR 08-06-1914, ECLI:NL:HR:1914:14
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 juni 1914
- Magistraten
Voorzitter: Jhr. Mr. W. H. de Savornin Lohman. Raden: Mrs. C. O. Segers; H. Hesse; H. M. A. Savelberg; Jhr. R. Feith.
- Zaaknummer
[08061914/NJ_1914,_p._947]
- Conclusie
Mr. Besier
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1914:14, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑06‑1914
- Wetingang
(Sr art. 321.)
Samenvatting
Al moge de beklaagde den koffer in den zin van art. 321 Sr. onder zich gehad hebben, zoo kan dit niet gezegd worden van hetgeen zich in dien koffer bevond, nu deze met een slot was gesloten, waarvan de sleutel niet in het bezit van den beklaagde was.
Beteekenis van het begrip „onder zich hebben."
Voorgaande uitspraak
[p. 947 ►]
J. v. d. S., 64 jaar, ex-hoofdconducteur der Holl. IJzeren Spoorweg Maatij., geboren te Rotterdam', wonende te Utrecht, gedetineerd, requirant van cassatie — voor zoover hij daarbij is veroordeeld — tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.