Op zoek naar de heilige graal
Einde inhoudsopgave
Op zoek naar de heilige graal (FM nr. 174) 2022/5.12:5.12 Wet bestuur en toezicht rechtspersonen
Op zoek naar de heilige graal (FM nr. 174) 2022/5.12
5.12 Wet bestuur en toezicht rechtspersonen
Documentgegevens:
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef, datum 01-12-2021
- Datum
01-12-2021
- Auteur
Dr. mr. M. Tydeman-Yousef
- JCDI
JCDI:ADS633788:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Persoonsgebonden aftrek
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Wet van 11 november 2020 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek in verband met de uniformering en de verduidelijking van enkele bepalingen omtrent het bestuur en de raad van commissarissen van rechtspersonen, Stb. 2020, 507, Kamerstukken 34491. Deze wet is in werking getreden op 1 juli 2021.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De Wet bestuur en toezicht rechtspersonen (wbtr)1 wijzigt en verduidelijkt de regeling voor bestuur en toezicht bij de rechtspersonen van boek 2 BW, waaronder de stichting en vereniging, en brengt de uiteenlopende bestuur- en toezichtregimes dichter bij elkaar.
Ook bevat de wbtr extra dwingendrechtelijke bepalingen voor verenigingen en stichtingen. Denk daarbij aan de wettelijke bepalingen over tegenstrijdig belang2 en de verplichting om in de statuten een regeling voor ontstentenis en belet op te nemen.3
Voor stichtingen geldt bovendien dat de wbtr de rechtbank meer gronden dan voorheen biedt om op verzoek van het OM of een belanghebbende een bestuurder of commissaris van een stichting te ontslaan (nieuw art. 2:298 BW). Het gaat om onder meer taakverwaarlozing, andere gewichtige redenen of ingrijpende wijziging van omstandigheden op grond waarvan het voortduren van het bestuurderschap in redelijkheid niet kan worden geduld. Voor een bestuurder of commissaris die door de rechtbank is ontslagen, geldt van rechtswege een bestuursverbod van vijf jaar tot gevolg. De betrokkene kan dan in die periode van vijf jaar na het ontslag geen bestuurder of commissaris van een stichting worden.
De wbtr geldt niet voor kerkgenootschappen. Boek 2 BW bevat geen voorschriften voor inrichting van deze rechtsvorm, omdat kerkgenootschappen worden geregeerd door hun eigen statuut (art. 2:2, lid 2 BW).