AB 2019/8
Schorsing aanwijzingsbesluit Stint. Niet onredelijke belangenafweging.
Rb. Midden-Nederland 01-11-2018, ECLI:NL:RBMNE:2018:5318, m.nt. W.S. Zorg en A.P.W. Duijkersloot
- Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
- Datum
1 november 2018
- Magistraten
Mr. R.J. Praamstra
- Zaaknummer
UTR 18/3652
- Noot
W.S. Zorg en A.P.W. Duijkersloot
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS930102:1
- Vakgebied(en)
Verkeersrecht / Handhaving verkeersvoorschriften
Verkeersrecht / Inrichting wegverkeer
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBMNE:2018:5318, Uitspraak, Rechtbank Midden-Nederland, 01‑11‑2018
- Wetingang
Art. 1:2, 1:3 Awb; art. 20b WVW 1994; Regeling Voertuigen; Beleidsregel aanwijzing bijzondere bromfietsen
Essentie
De voorzieningenrechter oordeelt dat de minister de Stint voorlopig van de weg heeft mogen halen. Er is ook op dit moment nog te veel onduidelijkheid om de Stint nu weer toe te laten tot het verkeer.
Samenvatting
De voorzieningenrechter overweegt dat hoewel uit het primaire besluit geen duidelijke belangenafweging blijkt, verweerder in het verweerschrift en ter zitting heeft toegelicht dat het besluit is genomen met het oog op de verkeersveiligheid en dat dit belang alle andere belangen aan de kant zet. De voorzieningenrechter acht dit standpunt van verweerder niet onredelijk. De voorzieningenrechter ziet de nadelige gevolgen voor verzoekster ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.