Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/1102
Overheidsprivaatrecht. Bodemprocedure in Didam-zaak (HR 26 november 2021, NJ 2022/149); toepasselijkheid Didam-regels op handelen overheidslichaam vóór Didam-arrest; rechtsgevolgen niet-naleving Didam-regels; strijd met dwingende wetsbepaling (art. 3:40 lid 2 BW)?; situatie waarin slechts één partij aan voorwaarden ontwikkelplan kan voldoen. Veiling of verkoop aan hoogste bieder verplicht?
HR 15-11-2024, ECLI:NL:HR:2024:1661
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 november 2024
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons, G.C. Makkink
- Zaaknummer
23/02541
23/02556
- Conclusie
A-G mr. G. Snijders
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtshandelingen
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Bestuursrecht algemeen / Overheid en privaatrecht
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1661, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑11‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:567, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 24‑05‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 04‑07‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 03‑07‑2023
- Wetingang
Essentie
Overheidsprivaatrecht. Bodemprocedure in Didam-zaak (HR 26 november 2021, NJ 2022/149); toepasselijkheid Didam-regels op handelen overheidslichaam vóór Didam-arrest; rechtsgevolgen niet-naleving Didam-regels; strijd met dwingende wetsbepaling (art. 3:40 lid 2 BW)?; situatie waarin slechts één partij aan voorwaarden ontwikkelplan kan voldoen. Veiling of verkoop aan hoogste bieder verplicht?
Samenvatting
De Hoge Raad heeft in het Didam-arrest (HR 26 november 2021, NJ 2022/149, m.nt. C.E.C. Jansen) niet bepaald dat de daarin geformuleerde regels pas gelden vanaf die uitspraak of dat schending van die ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.