NJB 2023/604:Onttrekking aan het verkeer van auto met verborgen ruimtes, art. 36c Sr: voor onttrekking moet het gaan om een voorwerp waarvan de aard relevant is in die zin dat het ongecontroleerde bezit, al dan niet in samenhang met het redelijkerwijs te verwachten gebruik daarvan, juist in verband met die aard, in strijd is met de wet of het algemeen belang. In casu heeft de rechter overwogen dat zich in de personenauto een ‘verborgen ruimte’ bevond, dat de auto is gebruikt voor het vervoeren van cocaïne in die ruimte en dat wanneer de auto zou worden teruggegeven deze opnieuw kan worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. Gelet op het voorgaande en in aanmerking genomen dat de rechter geen nadere vaststellingen heeft gedaan over de bedoelde verborgen ruimte is het kennelijke oordeel van de rechter dat de auto van zodanige aard is dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met het algemeen belang en de wet niet toereikend gemotiveerd.