M en R 2014/104
Artikel 461 Wetboek van Strafrecht. Het stellen van de voorwaarde aan het betreden van grond dat honden op het terrein (fysiek) zijn ‘aangelijnd’.
Rb. Gelderland 16-05-2014, ECLI:NL:RBGEL:2014:3346
- Instantie
Rechtbank Gelderland
- Datum
16 mei 2014
- Zaaknummer
05/162095-12
- Vakgebied(en)
Milieurecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBGEL:2014:3346, Uitspraak, Rechtbank Gelderland, 16‑05‑2014
- Wetingang
(art. 61 Sr)
Essentie
Artikel 461 Wetboek van Strafrecht. Het stellen van de voorwaarde aan het betreden van grond dat honden op het terrein (fysiek) zijn ‘aangelijnd’.
Uitspraak
Kantonrechter: Uit de tekst van artikel 461 Sr volgt dat de rechthebbende van de grond kan verbieden dat een ander zich op zijn grond bevindt. Waar hij de toegang tot zijn grond geheel kan verbieden aan derden, heeft hij eveneens de bevoegdheid de toegang tot zijn grond aan voorwaarden te verbinden. Een algeheel verbod of toegang onder voorwaarden voor de grond moet de rechthebbende van de grond op blijkbare wijze aan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.