V-N 2025/10.17
Terugwerkende kracht reparatiewet verhuurderheffing niet in strijd met rechtszekerheidsbeginsel
Rb. Noord-Holland 29-07-2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:8523, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Rechtbank Noord-Holland
- Datum
29 juli 2024
- Magistraten
Richters, Efstratiades, De Soeten
- Zaaknummer
HAA 21/6693
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS999890:1
- Vakgebied(en)
Verhuurderheffing (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBNHO:2024:8523, Uitspraak, Rechtbank Noord-Holland, 29‑07‑2024
- Wetingang
art. 1.6a Wet maatregelenwoningmarkt 2014 II
Essentie
Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat de terugwerkende kracht van de reparatiewet verhuurderheffing bij gedeeld genot huurwoningen niet in strijd is met het rechtszekerheidsbeginsel. De wetgever heeft de terugwerkende kracht namelijk nader toegelicht.
Samenvatting
X BV heeft op 1 januari 2020 de mede-eigendom van onroerende zaken. Zij doet aangifte verhuurderheffing 2020 naar een te betalen bedrag van € 57.941 en voldoet de heffing. Zij maakt tegen deze voldoening op aangifte bezwaar. Zij is het namelijk niet eens met de terugwerkende kracht uit de reparatiewetgeving die is ingevoerd naar aanleiding van het arrest HR 8 juni 2018, ECLI:NL:HR:2018:846, V-N ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.