Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement
Einde inhoudsopgave
Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement (O&R nr. 118) 2020/9.6.1:9.6.1 Inleiding
Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement (O&R nr. 118) 2020/9.6.1
9.6.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. A.M. Mennens, datum 01-01-2020
- Datum
01-01-2020
- Auteur
mr. A.M. Mennens
- JCDI
JCDI:ADS192665:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl. NautaDutilh, consultatiereactie WHOA, p. 3.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
538. Deze paragraaf behandelt de mogelijkheid om een tegenstemmende klasse aan het akkoord te binden. De term ‘tegenstemmende klasse’ is wat onzuiver. Ook een klasse waarin een ruime, maar niet een twee derde meerderheid wordt gehaald, geldt immers als een tegenstemmende klasse.1 Het zou beter zijn te spreken van een ‘klasse waarin de vereiste meerderheid niet is gehaald’. Omwille van de leesbaarheid hanteer ik naast de frase ‘een klasse waarin de vereiste meerderheid niet is gehaald’ ook de term tegenstemmende klasse. Bij de vraag of een tegenstemmende klasse gebonden kan worden aan het akkoord gaat het dus niet om de vraag in hoeverre een minderheid gebonden kan worden aan een meerderheidsopvatting, maar om de vraag onder welke omstandigheden een akkoord kan worden gehomologeerd ondanks het feit dat het akkoord niet het vereiste draagvlak heeft binnen één of meer klassen. Deze regeling wordt wel ‘cross class cram down’ of ‘klasseoverstijgende cram down’ genoemd.
De in §9.5.2 te bespreken Engelse regeling van de scheme of arrangement kent geen cross class cram down, hetgeen als een manco van de regeling wordt gezien. De Engelse wetgever heeft dan ook aangekondigd tot invoering van een cross class cram down-mechanisme te willen overgaan. De Singaporese wetgever heeft die stap al gezet. Daarom wordt ook de Singaporese cross class cram down besproken.
In §9.5.3 staat §1129(b) van de Amerikaanse Bankruptcy Code centraal. Deze bepaling bepaalt zeer gedetailleerd onder welke omstandigheden door de Amerikaanse rechter tot een cross class cram down mag worden overgegaan. De regeling staat bekend onder de naam ‘absolute priority rule’ en vormt een zeer waardevolle bron van inspiratie voor wetgevers die een klasse-overstijgende cram down willen invoeren. De regel is echter niet onomstreden, omdat deze behoorlijk rigide is en zwaar leunt op waarderingsexpertise.
In §9.5.4 bespreek ik de Europese benadering van klasse-overstijgende cram downs. De Europese wetgever heeft goed gekeken naar de Amerikaanse regeling, maar biedt lidstaten ook de mogelijkheid een regel van relatieve prioriteit in te voeren.
De weg die door de Nederlandse wetgever is ingeslagen komt in §9.5.5 aan bod. De Nederlandse regeling bevat een flexibelere variant van de Amerikaanse absolute priority rule. Onderdeel van die regel is ook de enigszins omstreden ‘uitstapmogelijkheid’ voor in the moneycrediteuren.