De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/8.7.1:8.7.1 Inleiding
De (onmiddellijke) voorzieningen van de enquêteprocedure (IVOR nr. 105) 2017/8.7.1
8.7.1 Inleiding
Documentgegevens:
F. Eikelboom, datum 01-06-2017
- Datum
01-06-2017
- Auteur
F. Eikelboom
- JCDI
JCDI:ADS372113:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hiervoor is globaal besproken wat er mogelijk is op het gebied van (onmiddellijke) voorzieningen. In deze par. 8.7 wordt in aansluiting daarop besproken hoe dit uitpakt voor de partijen die betrokken zijn bij de rechtspersoon. In par. 8.7.2 wordt uiteengezet hoe de vragen aan wie wanbeleid de iure moet worden toegerekend en de facto wordt veroorzaakt, van invloed is op de vraag welke (onmiddellijke) voorzieningen opportuun zijn. In par. 8.7.3.1 komt de vragen aan de orde voor welke personen (onmiddellijke) voorzieningen rechtsgevolgen kunnen hebben. In par. 8.7.3.1 zal eerst de limitatieve lijst van eind-voorzieningen besproken worden om vervolgens te bezien in hoeverre de daarin besloten limiteringen ook gelden voor de niet limitatief in de wet opgesomde onmiddellijke voorzieningen die de ondernemingskamer in afwachting van eind-voorzieningen kan treffen. Daar tussenin komt ter sprake in hoeverre de rechtsgevolgen van eindvoorzieningen kunnen worden uitgebreid door toepassing van de bevoegdheid van de ondernemingskamer om de gevolgen van eindvoorzieningen te regelen.