Einde inhoudsopgave
Vertrouwen op informatie bij bestuurlijke taakvervulling (IVOR nr. 83) 2011/5.2.1
5.2.1 Het Amerikaanse vennootschapsrecht
mr. M. Mussche, datum 30-05-2011
- Datum
30-05-2011
- Auteur
mr. M. Mussche
- JCDI
JCDI:ADS606179:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Amendement 10 van de U.S. Constitution.
Artikel 6, tweede paragraaf van de U.S. Constitution.
Vaak heeft de vennootschap wel een certificate of authority nodig van de staat waar de onderneming actief zal zijn. De toepasselijkheid van het recht van de staat van oprichting is een juridisch vermoeden. Dit vermoeden kan worden weerlegd indien wordt aangetoond dat de vennootschap een belangrijkere band heeft met een ander staat. Zie Resolution Trust Corp. V Gregor (E.D.N.Y 1994), p. 1150.
Website Delaware 2010.
De Kluiver 2005, p. 125; Kroeze 2004b, p. 565.
De Verenigde Staten zijn een federale republiek met 50 statelijke jurisdicties, de jurisdictie van het District of Columbia en de federale jurisdictie. Een hoofdregel van het Amerikaanse staatsrecht is dat alle bevoegdheden bij de individuele staten berusten, tenzij de constitutie deze aan de federale overheid toewijst.1 Indien de federale overheid op een bepaald terrein wetgeving tot stand brengt, mogen de staten geen hiermee strijdig recht maken (de zogenaamde supremacy clause).2 Het vennootschapsrecht (in ruime zin) is deels federaal geregeld in bijvoorbeeld de Sarbanes-Oxley Act 2002, de Bankruptcy Code en de Williams Act (een amendement uit 1968 bij Securities Exchange Act 1934 over openbare biedingen). Het grootste deel van het vennootschapsrecht, waaronder bepalingen over de oprichting, inrichting en ontbinding van rechtspersonen, valt onder de statelijke bevoegdheid. Het vennootschapsrecht van de verschillende staten is desondanks betrekkelijk uniform. Een belangrijke oorzaak hiervan is de incorporatieleer. Dat wil zeggen dat een vennootschap die is opgericht naar het recht van een bepaalde staat, een onderneming kan drijven in alle andere staten. Het recht van de oprichtingsstaat blijft in beginsel van toepassing op de vennootschap, ongeacht waar zij actief is.3 Veel vennootschappen, waaronder meer de helft van alle beursgenoteerde, zijn statutair gevestigd in Delaware.4 Het vennootschapsrecht van Delaware is onder andere aantrekkelijk vanwege de relatief grote voorspelbaarheid van de rechtspraak van de Delaware Court of Chancery, een gespecialiseerde vennootschapsrechter met jurisdictie in eerste aanleg in de meeste ondernemingsrechtelijke zaken.5 De jurisprudentie van dit rechtscollege heeft een uniformerende werking op het Amerikaanse vennootschapsrecht. Het recht van Delaware heeft dan ook zijn sporen nagelaten in de belangrijkste modelwetten op het gebied van het vennootschapsrecht, de Model Business Corporation Act (MBCA) en Principles of Corporate Governance: Analysis and Recommendations (Principles). De MBCA en de Principles zorgen op hun beurt ook weer voor convergentie van het statelijke vennootschapsrecht. Ik bespreek de status van de beide modelwetten waaraan ik in het vervolg van dit hoofdstuk regelmatig zal refereren.