Inhoudsopgave
NJB 2023/2901:Verbeurdverklaring en ‘het strafbare feit’ en ‘het feit’ in art. 33a lid 1 Sr: daaronder moet telkens het bewezenverklaarde feit worden verstaan. Voor verbeurdverklaring is vereist dat één van de in art. 33a lid 1 Sr genoemde gronden zich voordoet ten aanzien van het bewezenverklaarde feit.
NJB 2023/2901
Verbeurdverklaring en ‘het strafbare feit’ en ‘het feit’ in art. 33a lid 1 Sr: daaronder moet telkens het bewezenverklaarde feit worden verstaan. Voor verbeurdverklaring is vereist dat één van de in art. 33a lid 1 Sr genoemde gronden zich voordoet ten aanzien van het bewezenverklaarde feit.
Documentgegevens:
HR 05-12-2023, ECLI:NL:HR:2023:1695
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
5 december 2023
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, M. Kuijer, F. Posthumus
- Zaaknummer
22/00218
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:1695, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 05‑12‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:923, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 17‑10‑2023
- Wetingang
(art. 33a Sr)
Uitspraak
Inleiding
Verdachte is veroordeeld omdat hij – kort gezegd – opzettelijk aanwezig heeft gehad MDMA en cocaïne, meermalen gepleegd. Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd. In dit vonnis is beslist tot verbeurdverklaring van het inbeslaggenomen goed, te weten: 1940 EUR.
Het cassatiemiddel klaagt over de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.