NJB 2026/359
Processtukken en vraag naar bruikbaarheid voor het bewijs van processen-verbaal van politie waarin delen van verklaringen van getuigen zijn “weggelakt” omdat deze onderdelen “niet relevant” zouden zijn: de Hoge Raad zet uiteen waarop het uit de wet blijkende onderling samenhangend systeem voor de omgang met en verantwoordelijkheid voor de processtukken gedurende de loop van het strafproces op neer komt. Onjuist is de opvatting dat met het weglakken van onderdelen uit processenverbaal in casu in overeenstemming met de wet en de jurisprudentie is gehandeld. De officier van justitie heeft niet zelfstandig de bevoegdheid om een stuk waarin (mede) informatie is opgenomen die redelijkerwijs van belang kan zijn voor de door de rechter op de terechtzitting te nemen beslissingen, zo te bewerken dat een gedeelte van dat stuk onleesbaar wordt. De officier van justitie kan eventueel wel in zo’n stuk door middel van een aantekening of doorhaling aanduiden welk gedeelte van het stuk naar zijn oordeel niet relevant is, mits dat gedeelte leesbaar blijft.
HR 03-02-2026, ECLI:NL:HR:2026:155
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 februari 2026
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, C. Caminada
- Zaaknummer
23/02619
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:155, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑02‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1139, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 04‑11‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑05‑2024
- Wetingang
Essentie
Processtukken en vraag naar bruikbaarheid voor het bewijs van processen-verbaal van politie waarin delen van verklaringen van getuigen zijn “weggelakt” omdat deze onderdelen “niet relevant” zouden zijn: de Hoge Raad zet uiteen waarop het uit de wet blijkende onderling samenhangend systeem voor de omgang met en verantwoordelijkheid voor de processtukken gedurende de loop van het strafproces op neer komt. Onjuist is de opvatting dat met het weglakken van onderdelen uit processenverbaal in casu in overeenstemming met de wet en de jurisprudentie is gehandeld. De officier van justitie heeft niet zelfstandig de bevoegdheid om een stuk waarin (mede) informatie is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.