RF 2016/76
Beleggingsinstelling. Art. 2:65 Wft is een centrale verbodsbepaling en is de draagkracht door onduidelijke cijfers niet voldoende onderbouwd? (Eiseres/AFM)
Rb. Rotterdam 03-03-2016, ECLI:NL:RBROT:2016:1667
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
3 maart 2016
- Magistraten
Mrs. M.C. Woudstra, E.J. Rutten, J.L.S.M. Hillen
- Zaaknummer
AWB- [15] _ [4671]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS924182:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBROT:2016:1667, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 03‑03‑2016
- Wetingang
Art. 2:65 Wft; art. 5:41, 5:46 lid 3 Awb
Essentie
Beleggingsinstelling. AFM.
Art. 2:65 Wft is een centrale verbodsbepaling en is de draagkracht door onduidelijke cijfers niet voldoende onderbouwd?
Samenvatting
Eiseres, beherend vennoot van een CV, heeft in 2011 een brochure en een prospectus uitgegeven, waarin zij consumenten aanbood om voor een bedrag van € 10.000 per stuk participaties in de CV te kopen, en hiermee als commanditair vennoot toe te treden. De CV zou van het ingelegde geld percelen bouwgrond in Argentinië aanschaffen, die na ongeveer drie jaar weer zouden worden verkocht. De AFM had het vermoeden dat de CV participaties in een beleggingsinstelling heeft aangeboden als ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.