NJB 2015/2118
Een ‘krachtens wettelijk voorschrift gegeven bevel’ art. 184 Sr: in casu kan als zodanig gelden een verwijderingsbevel door een politieambtenaar dat is gegeven krachtens het binnen aldus kenbaar gemaakte grenzen gegeven bevel van de burgemeester in de zin van art. 172 lid 3 Gemw. Bij een strafrechtelijke vervolging betreffende art. 184 Sr dient de rechter niet alleen te onderzoeken of het in de tenlastelegging genoemde wettelijk voorschrift verbindend is, maar ook of het bevel rechtmatig is gegeven alsmede, indien ter zake verweer is gevoerd, van dat onderzoek te doen blijken en gemotiveerd op dat verweer te beslissen. Daarom kan niet worden aanvaard dat, bij gebreke van het benutten door de verdachte van de bestuursrechtelijke rechtsgang, een verweer als hiervoor bedoeld kan worden verworpen op de grond dat, nu geen gebruik is gemaakt van de bestuursrechtelijke rechtsgang, ervan moet worden uitgegaan dat het bevel zowel wat de wijze van totstandkomen als wat zijn inhoud betreft in overeenstemming is met de desbetreffende voorschriften en algemene rechtsbeginselen. Het hof heeft dit in casu miskend
HR 17-11-2015, ECLI:NL:HR:2015:3325
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
17 november 2015
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, H.A.G. Splinter- van Kan, Y. Buruma
- Zaaknummer
14/01668
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Bijzonder strafrecht / Openbare orde
Politierecht / Organisatie
Staatsrecht / Decentralisatie
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2015:3325, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 17‑11‑2015
ECLI:NL:PHR:2015:2409, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 07‑07‑2015
ECLI:NL:PHR:2015:2269, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 31‑03‑2015
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑06‑2014
- Wetingang
Essentie
Een ‘krachtens wettelijk voorschrift gegeven bevel’ art. 184 Sr: in casu kan als zodanig gelden een verwijderingsbevel door een politieambtenaar dat is gegeven krachtens het binnen aldus kenbaar gemaakte grenzen gegeven bevel van de burgemeester in de zin van art. 172 lid 3 Gemw. Bij een strafrechtelijke vervolging betreffende art. 184 Sr dient de rechter niet alleen te onderzoeken of het in de tenlastelegging genoemde wettelijk voorschrift verbindend is, maar ook of het bevel rechtmatig is gegeven alsmede, indien ter zake verweer is gevoerd, van dat onderzoek te doen blijken en gemotiveerd op dat verweer te beslissen. Daarom kan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.