NJ 1983, 590
HR, 12-04-1983, nr. 75396U
HR 12-04-1983, ECLI:NL:PHR:1983:AC2438
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
12 april 1983
- Magistraten
Royer, De Groot, De Waard, Hermans, Haak, Leijten
- Zaaknummer
75396U
- LJN
AC2438
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Internationaal strafrecht / Uitlevering en overlevering
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1983:AC2438, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 12‑04‑1983
ECLI:NL:PHR:1983:AC2438, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 12‑04‑1983
- Wetingang
EUV art. 1; EUV art. 2 lid 1; EUV art. 12 lid 2; EVRM art. 6 lid 3 onder c; UW art. 5 lid 1 onder b; UW art. 5 lid 3; UW art. 28 lid 3; UW art. 31 lid 2; Sv art. 433 lid 3
Essentie
1. Het Nederlandse voorbehoud bij het Europees Uitleveringsverdrag ten aanzien van uitlevering van bij verstek veroordeelden heeft geen betrekking op uitlevering wegens omzetting van een voorwaardelijke in een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf buiten aanwezigheid van de opgeeiste persoon.
2. Uitlevering ter zake van een militair delict dat geen ‘offence under ordinary criminal law’ is, is ontoelaatbaar.
3. De HR vermeldt alsnog de juiste Nederlandse strafbepalingen en slaat daarbij acht op een authentiek afschrift van het Duitse vonnis dat door de P-G in de BRD is aangevraagd.
4. De HR onderzoekt alsnog de dubbele strafbaarheid van een aantal ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.