NJ 1987, 256
HR, 01-07-1986, nr. 80543U
HR 01-07-1986, ECLI:NL:HR:1986:AJ5302, m.nt. A.H.J. Swart
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
1 juli 1986
- Magistraten
Moons, Bronkhorst, De Waard, Haak, Beekhuis, Remmelink
- Zaaknummer
80543U
- Noot
A.H.J. Swart
- LJN
AJ5302
- JCDI
JCDI:ADS65999:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Internationaal strafrecht / Uitlevering en overlevering
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1986:AJ5302, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 01‑07‑1986
ECLI:NL:PHR:1986:AJ5302, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 27‑05‑1986
- Wetingang
UW art. 10 lid 2; UW art. 11 lid 1; Uitleveringsverdrag Ned-Verenigd Koninkrijk art. 6; RO art. 99 lid 1 onder 1°; EVRM art. 3; EVRM art. 6 lid 1
Essentie
1. Geheel gelijk aan DD 87 104 IA, en voorts: Nu met een misdrijf dat een staatkundig karakter draagt conform artikel 6 Nederlands-Brits Uitleveringsverdrag slechts op een absoluut politiek delict wordt gedoeld, volgt daaruit dat 1. de rechtbank bij de weerlegging van het verweer dat de gevraagde uitlevering (relatief) politieke delicten betreft is uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting, en 2. dit niet tot cassatie kan leiden.
2. Het staat de uitleveringsrechter niet vrij op klachten over onmenselijke en vernederende behandeling conform artikel 3 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.