NJ 1989, 206
HR, 19-04-1988, nr. 82862
HR 19-04-1988, ECLI:NL:PHR:1988:AD0278
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
19 april 1988
- Magistraten
De Waard, Jeukens, Davids, Meijers
- Zaaknummer
82862
- LJN
AD0278
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Opiumwet
Onbekend (V)
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Gezondheidsrecht / Bijzondere onderwerpen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1988:AD0278, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 19‑04‑1988
ECLI:NL:PHR:1988:AD0278, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑04‑1988
- Wetingang
Sv art. 359 lid 1; Sv art. 359 lid 3; Opiumwet art. 2 lid 1 onder B
Essentie
Nadere bewijsoverweging: het hof heeft uit de inhoud van de gebezigde bewijsmiddelen kunnen afleiden dat de verdachte zich desbewust heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat de vuilniszak inderdaad een verdovend middel, zoals amfetamine, zou bevatten.
Voorgaande uitspraak
Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Hof te Amsterdam van 3 april 1987 in de strafzaak tegen Gerardus Christianus B., geboren te Utrecht op 21 sept. 1934, te Amsterdam.
Hoge Raad:
1
De bestreden uitspraak
Het hof heeft in hoger beroep — met vernietiging van een vonnis van de Rb. te Amsterdam van 1 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.