NJ 1991, 204
HR, 23-10-1990, nr. 87584
HR 23-10-1990, ECLI:NL:HR:1990:ZC8622
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
23 oktober 1990
- Magistraten
Bronkhorst, Beekhuis, Govaerts, Meijers
- Zaaknummer
87584
- LJN
ZC8622
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Insolventierecht / Faillissement
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1990:ZC8622, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 23‑10‑1990
- Wetingang
Sr art. 348; Sv art. 359 lid 1; Sv art. 359 lid 3
Essentie
Toereikend bewijs dat op de saldi van de G(eblokkeerde)-rekening een recht van pand was gegeven aan de Staat en de bedrijfsvereniging gezamenlijk en dat van die rekening een bedrag X is overgemaakt anders dan tot nakoming van de verplichtingen van de rekeninghouder jegens de Staat en de bedrijfsvereniging. Een onderzoek naar de mogelijkheid dat bedrag X van het pand geen deel uitmaakte was niet nodig nu terzake geen verweer is gevoerd.
Voorgaande uitspraak
Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Hof te 's-Gravenhage van 5 juni 1989 in de strafzaak tegen J. van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.